top of page
Zoeken

Als ‘zorgzame kritiek’ je hele leven meespeelt


Stel je dit eens voor. Je bent volwassen. Je hebt je leven opgebouwd, maakt je eigen keuzes en draagt verantwoordelijkheid. En toch hoor je, soms bijna automatisch, zinnen die je al zo lang kent dat ze nauwelijks nog opvallen. Heb je de deur wel goed dichtgedaan? Weet je zeker dat het raam niet op een kier staat? Ik kijk toch even. Nee, nee, zo moet het niet. Kijk, zó doe je dat. Nou ja… als jij denkt dat dit werkt - de meeste mensen doen het anders.


Op zichzelf is het ‘onschuldig’. Maar wanneer dit het decor van je jeugd vormt - dagelijks, jarenlang - gebeurt er iets onder de oppervlakte. Je leert niet: ik doe het goed zoals ik het doe. Je leert dat het altijd beter kan, anders kan, en dat jouw manier blijkbaar niet voldoende is. Dat idee nestelt zich, stil en onopvallend, tot het een gewoonte wordt in je hoofd.


In veel gezinnen en zeker ook in migrantengezinnen wordt zorg vaak verpakt als correctie. Doe een jas aan. Eet nog wat. Waarom zo, het kan toch beter anders? Warm bedoeld, liefdevol zelfs, maar de ondertoon blijft voelbaar: pas op, je mist iets. Dit mechanisme is niet cultureel exclusief en niet verbonden aan één land, familie of achtergrond. Het is menselijk, en juist daarom zo moeilijk te herkennen.


Je merkt het niet aan grote drama’s, maar aan kleine, dagelijkse bewegingen. Op je werk, wanneer je een mail nog een keer naleest. En nog een keer. Of wanneer je in een vergadering nooit echt ontspannen zit, maar alert blijft. Alsof je elk moment aan de beurt kunt zijn. En als dat gebeurt, komt je verhaal niet vanzelf. Niet vloeiend, niet spontaan. Je wilt het kort houden. Dat het snel weer voorbij is.

Of zoals een cliënt het ooit treffend verwoordde: “Als mijn manager me opbelde, was het eerste dat ik dacht: wat heb ik fout gedaan?” Niet omdat er iets was gebeurd, maar omdat het systeem al op scherp stond.


In relaties laat het zich zien wanneer je je woorden inslikt om de sfeer goed te houden, wanneer je net iets te vaak checkt of het wel oké is, of wanneer je je al verontschuldigt voordat iemand iets heeft gezegd. En in jezelf merk je het aan complimenten die niet blijven hangen, aan een constante achtergrondruis van denken, aan vergelijken zonder dat je het doorhebt. Omdat je systeem al heel lang probeert te voorkomen dat je iets over het hoofd ziet.


Kleine opmerkingen, herhaald over jaren, worden een lens. Je kijkt erdoor naar jezelf, naar je keuzes, je relaties, je werk. Dat kost energie, want leven op scherp -al is het subtiel - vraagt voortdurend aandacht. Wat veel mensen pas later ontdekken, is dat dat stemmetje van niet goed genoeg niet bij hun kern hoort. Het is een echo. Iets ouds dat is blijven hangen.


Verandering begint dan ook niet met corrigeren, maar met herkennen. Op het moment dat je ziet waar iets vandaan komt, verschuift er al iets. Je hoeft jezelf minder te checken, minder vooruit te lopen op mogelijke fouten. Er ontstaat ruimte om te vertrouwen op wat je al weet en voelt. In gesprekken zie ik steeds hetzelfde gebeuren: zodra een patroon zichtbaar wordt, ontstaat er rust. Niet ineens, maar merkbaar. Minder spanning in het lichaam, minder ruis in het hoofd, meer stevigheid van binnen.


Dat moment - waarop je denkt dit is niet wie ik ben, dit is iets wat ik heb geleerd - ontstaat meestal niet vanzelf. Het ontstaat in aandachtige gesprekken, waarin patronen langzaam zichtbaar worden en je merkt dat er ruimte komt om anders te kijken.

 
 
 

Opmerkingen


bottom of page